CiVer

Plastic Fantastic!


Plastic Fantastic!

Sommige concept cars en prototypes behalen een sterstatus waar nog generaties plezier aan beleven. Andere laten zien hoe fantastisch ze hadden kunnen zijn om vervolgens spoorloos te verdwijnen. Een derde categorie laat zien wat er allemaal mogelijk is, wordt door de tijd ingehaald en raakt voorgoed vergeten. Of toch niet helemaal?

Vergeet de Buick Y-job en de Citroën 22CV. De legende en de witte olifant zijn vandaag niet aan de beurt. We ontrukken een heel ander prototype aan de vergetelheid: de GE Vector II. De Vector is wel heel iets anders dan de bovengenoemde legendes, maar had toch een glansrijke carrière in het showcircuit. Wat General Electric Plastics, gevestigd in Bergen op Zoom, met de Vector wilde demonstreren, waren de mogelijkheden van kunststof in de auto-industrie. Daarvoor maakte GE gebruik van een auto die ons allemaal bekend voor zal komen: onder de lila metallic kunststofhuid gaat in feite een eenvoudige Citroën AX schuil.

Het project VECTOR werd in 1986 gestart om aan de hand van een rijdend prototype te demonstreren dat het niet alleen mogelijk was om panelen zoals spatborden, zijpanelen en kleppen en deuren van plastic te maken, maar dat dat ook probleemloos in de toen bestaande productiestromen in te passen was. Bovendien kon het gebruik van plastics tot aan motoronderdelen toe worden doorgetrokken. Noryl GTX, de gebruikte thermoplaste kunststof, kan temperaturen tot 190 graden verwerken zonder te vervormen, waardoor het bijvoorbeeld de bestaande lakstraten zonder problemen overleeft.

De achterklep alleen al was een staaltje van doordachte techniek: de klep is opgebouwd uit twee schalen, waarbij de binnenschaal van Azdel TPS voor het grootste deel van de stijfheid zorgt. De achterruit is in de klep gelijmd om extra stijfheid te kweken. De scharnieren zitten buitenop, netjes weggewerkt onder een trim over de regengoot. Positioneren, uitlijnen en bevestigen kan daardoor volledig worden geautomatiseerd. De bevestigingen voor elektrische componenten en bekabeling zijn opgenomen in het gietstuk van de klep, waardoor het aantal onderdelen geminimaliseerd wordt. Dergelijke slimmigheid werd ook in de carterpan verwerkt: door de kunststof eenvoudig om een carterplug heen te vormen, werd de productiestap van het maken van een aftappunt volledig uit het productieproces geschrapt.

Voor de Vector II werd de trukendoos nog verder opengetrokken. De deuren werden nu inclusief frames uit kunststof vervaardigd. Ook het radiateurframe, met daaraan de ophanging van de koplampen en de voorbumper, werd in kunststof uitgevoerd. Althans, de folder toont het onderdeel; de echte wagen heeft een stalen front. GE presteerde het zelfs om het op dat moment grootste koetswerkpaneel ooit in thermoplaste kunststof te vervaardigen: de motorkap. Een feature die, in tegenstelling tot de auto zelf, voorgoed verdwenen is.

Eén van de grote voordelen van de kunststoffen die GE Plastics voor de Vector had gebruikt was dat ze recyclebaar waren. Big deal: dat doen we inmiddels al jaren. Goed, maar de Vector was er op ontworpen – in 1989. GE Plastics ging daar ver in, en beloofde zo nodig de kunststof panelen na een eerste levensduur in te nemen om ze te herverwerken.

De Vector toonde een aantal jaren op beurzen wat er allemaal in kunststof kon in de automobielindustrie. Het is goed verdedigbaar dat de Vector daarin succesvol was: inmiddels zijn plastics overal in een moderne auto te vinden en zijn veel van de beoogde productietechnieken uit de Vector gemeengoed geworden. De auto werd ingehaald door de tijd en verdween van het toneel. Daarna is er, behalve een optreden op de Citroën-Forum stand op CitroMobile 2012, erg lang niets van de Vector II vernomen. Maar in tegenstelling tot de verdwenen Citroën 22CV’s weten we van deze plastic AX dus gewoon waar hij is!

De auto is namelijk eigendom van forumvoorman Lucas. Sterker nog, de oplettende forummer heeft opgemerkt dat de auto te koop is. Zonder motorkap, want die is kwijt. Dat geldt ook voor een koplampglas en de wieldoppen. Kennelijk zijn ze bij souvenirjagers terecht gekomen. Een chassisnummer heeft de auto nooit gekregen, dus de wagen legaal op de weg zetten wordt een uitdaging. Bovendien heeft het blok nooit gelopen: alle 14 (!) kilometers die de Vector op de teller heeft, zijn gemaakt door de auto op beurzen van de trailer naar de showstand en terug te duwen. Er ontbreken verder nog wat technische onderdelen zoals een hoofdremcilinder en verschillende andere kleinigheden.

Rijden is eigenlijk ook niet waar de Vector II ooit voor bedoeld was. Deze auto is als show car ontworpen, hoewel het je vergeven zij dat je dat aan het bescheiden uiterlijk niet meteen ziet. Het is, naast het verleden, ook de toekomst die Lucas voor de Vector II ziet. Deze auto heeft historische waarde en een zekere museale kwaliteit. Wie de unieke Vector II terug in de spotlights wil zetten, kan met Lucas contact opnemen. De advertentie voor deze show car vind je hier.

Ken je de Vector II? Ken je ‘m juist niet? Heb je misschien iets met de ontwikkeling te maken gehad? We lezen alles over de Vector II graag in dit draadje!

Tekst: Penny Lane, foto’s: Lucas

© Citroën-Forum 2003 - 2021 | adverteren
Facebook