Garage Johan Oldenhage

Vakantieautotest: Citroën Grand C4 Picasso vs. Opel Zafira


Vakantieautotest: Citroën Grand C4 Picasso vs. Opel Zafira

Menig gezin vecht nu over de hoeveelheid vakantiebagage. Een MPV kan uitkomst bieden. Citroën doet al sinds de Evasion mee, dus er valt tweedehands heel wat te kiezen. Maar waar moet je beginnen? We doen een vergelijkend onderzoek Kein Geloel of joie de vivre?

Voor deze test hebben we de beschikking over een Grand C4 Picasso 1.6 HDi Exclusive en een Opel Zafira 1.8 Cosmo. Beide uit 2007, beide voorzien van het hoogste uitrustingsniveau en een semi-automatische versnellingsbak, beide met een slordige twee ton achter de wielen. Het tweekoppige testpanel wordt gevormd door een inmiddels redelijk verstokt Citroën-rijder en de eigenaar van de Opel. We zijn benieuwd of we onze vooroordelen de baas kunnen en stellen onszelf de vraag: met welke MPV zouden wij het liefst op vakantie gaan?

De testauto’s naast elkaar
Onze test-Picasso is een beetje een vreemde eend in de bijt. De 1.6 HDi was bij ons niet leverbaar als Exclusive met semi-automatische versnellingsbak. Dankzij dit uitrustingsniveau zit de oorspronkelijk in Frankrijk geleverde auto bijzonder ruim in de snufjes. Elektrische ramen en spiegels, gescheiden klimaatregeling links en rechts, cruise control, zelfdimmende binnenspiegel, parkeersensoren voor en achter, licht- en regensensor, radio met stuurbediening, niveauregeling, panoramadak: het zit er allemaal op. Enig minpuntje is het ontbreken van een navigatiesysteem, al hoeft dat gelet op de kwaliteit van de fabrieksnavigatie in Citroëns van die generatie geen nadeel te zijn. Ook in de Zafira is er geen klagen over toeters en bellen. Ten opzichte van de Citroën ontbreken vooral het panoramadak, de niveauregeling en, ietwat onhandig voor een auto van deze omvang, de parkeersensoren. Grote plus ten opzichte van de Citroën is de aanwezigheid van een eenvoudig, maar prima functionerend fabrieksnavigatiesysteem.

Wat kost zoiets nou nog?
Nieuwprijzen vergelijken is tamelijk zinloos, aangezien de Picasso bij ons niet leverbaar was in deze uitvoering. In Frankrijk kostte deze auto een slordige €29.000, maar daar kent men geen BPM. Een benzine-Picasso in deze uitvoering kostte bij ons destijds zo’n €34.000, rond €2.000 meer dan de Zafira. De prijs van de dieselversies lag bij beide modellen rond de €38.000. In negen jaar tijd is er op beide auto’s aardig afgeschreven en tweedehands is er van prijsverschil geen sprake meer. Voor een bedrag tussen de €5.000 en €7.000 heb je een behoorlijke keuze in aangeklede Zafira’s en Picasso’s, al zal de behoefte aan een (semi-)automatische versnellingsbak met name het aanbod van Picasso’s sterk beperken.

Eerst maar even banden trappen
Voordat we op weg gaan, zetten we de auto’s eerst maar eens naast elkaar. Het is leuk om te zien hoezeer beide auto’s overeenkomen, maar hoe beide merken toch een geheel eigen invulling hebben gegeven aan het basisconcept van de zevenzits MPV.

De Zafira oogt hoger, maar dat komt vooral door de oplopende daklijn en de geringere lengte. De Picasso is iets hoger en breder en ruim 10 centimeter langer dan de Zafira. Praktisch voordeel biedt dat overigens niet; het lengteverschil lijkt vooral in de voor Citroën kenmerkende grotere overhang aan de voorzijde te zitten. Qua kofferruimte doen beide auto’s niet voor elkaar onder.

Het verschil in ontwerpopvatting komt vooral tot uiting in het interieur. Bij Opel moet “kein Geloel” het leidende principe zijn geweest. Het instrumentenpaneel is traditioneel van opzet, met analoge klokken waar je ze verwacht. De middenconsole is wat plomp en vrij druk, met veel knoppen en een bovenin geplaatst display voor radio, boordcomputer en navigatie. Enige frivoliteiten zijn de tweekleurige halflederen bekleding en de hoofdtelefoonaansluitingen voor de achterpassagiers. In de Picasso is meer ruimte voor “joie de vivre”. Het dashboard oogt opgeruimder dan dat van de Opel en is voorzien van een groot centraal display onder een fors afdak. Dat display biedt vl informatie en is daardoor ook nogal onoverzichtelijk. Vreemd is de plek van de knopjes voor ventilatie en climate control. Deze zijn geclusterd rond het linker ventilatierooster en de bediening onder het rijden vergt de nodige gewenning. De Picasso bevat meer leuke snufjes, zoals in de voorstoel ge?ntegreerde leeslampjes voor de achterpassagiers en een kofferbakverlichting die ook als zaklamp gebruikt kan worden.

Over de afwerking is weinig reden tot klagen. Nou, vooruit: het verbaast niet echt dat je in de Picasso met gemak je hand achter het paneel van de kaartleeslampjes kunt laten verdwijnen en in de Zafira roept de kwaliteit van de kunststof op het onderste deel van het middenconsole on-Duitse associaties op. Op de bekleding is niet bezuinigd: halflederen grijs-met-bruine bekleding in de Zafira en dik zwart velours in de Picasso. In beide auto’s zijn leeftijd en gebruik niet aan de staat van de bekleding af te lezen. In de Citroën blijkt dit hooguit uit de afbladderende verf van een schakelaar en de handgreep op het linker voorportier. In de Opel is in het geheel geen slijtage te bespeuren.

Tijd voor een kijkje op de achterbank. Hier moet de Citroën-liefhebber van ons testduo de eerste teleurstelling verwerken, want echt lekker zit je als lange volwassene niet op de drie stoelen van de tweede zitrij. De rugleuning staat erg rechtop en de dikke voorstoelen hebben een behoorlijk negatief effect op de beenruimte. Dit is beter in de Opel, waar de zit op de achterbank wat relaxter is en de benen meer ruimte hebben.

Op papier hebben we te maken met zevenzitters, maar bij beide midi-MPV’s betekent dit vooral keuzes maken. Met de derde zitrij uitgeklapt, blijft er namelijk vrijwel geen bagageruimte meer over.
Voor de vakantiebagage ben je dus aangewezen op een dakkoffer of aanhanger, als je daadwerkelijk met zes of zeven personen in de auto op vakantie wil. In de praktijk zul je dit echter niet snel doen, want de passagiers op de derde zitrij zullen het in geen van beide auto’s een hele vakantierit uithouden. Kleine kinderen kunnen met de geboden ruimte wellicht uit de voeten, voor volwassen passagiers is de derde zitrij van de Picasso een absolute marteling. De stoelen zijn weliswaar letterlijk in een handomdraai uit de kofferbakbodem omhoog getoverd en beduidend beter bereikbaar dan in de Zafira, maar de beenruimte is bijna nihil en goed beschouwd kun je hier alleen zitten als de tweede zitrij naar voren geschoven wordt, wat er weer toe leidt dat de passagiers daar hun benen niet meer kwijt kunnen. Het opklappen van de derde zitrij van de Opel vergt wat meer handelingen en je moet de nodige capriolen uithalen om ze te bereiken, maar eenmaal gezeten, zijn langere passagiers hier beduidend beter af.

Inpakken en wegwezen
Na deze indrukken is het hoog tijd voor een proefrit. De 1.6 HDi biedt ook in een grote auto als de Picasso voldoende trekkracht. De motor is wel wat rumoerig, waardoor je het gevoel krijgt dat hij er flink aan moet trekken. De zesversnellingsbak laat zich bedienen met een wat Amerikaans aandoende hendel aan de stuurkolom. Kies je voor handmatige bediening, dan kan er met de flippers achter het stuur op- en teruggeschakeld worden. De flippers kunnen echter ook in de volautomatische stand gebruikt worden. De semi-automaat schakelt als een handbak, met duidelijk merkbare wisselingen van verzet.

Zoals het een Citroën betaamt, is het onderstel vooral gericht op een comfortabele reis van A naar B. Dat leidt volgens de Opel-rijder tot een nogal ‘sponzig’ weggedrag. De Picasso helt inderdaad nogal over en deint behoorlijk na bij snelle stuurbewegingen. Remmen gaat dan weer allesbehalve op-zijn-Citroëns, want er moet aardig doorgetrapt worden om snel tot stilstand te komen. De stoelen zijn uitgebreid instelbaar, maar gek genoeg is het de Citroën-rijder van ons testduo die er niet in slaagt om een prettige zitpositie te vinden.

Dat is anders in de Opel. Sturen gaat lekker direct en de kenmerkende Duitse stevigheid in de vering is onmiskenbaar aanwezig. Hierdoor worden oneffenheden nadrukkelijker doorgegeven dan in de Picasso, maar zelfs de Citroën-rijder moet toegeven dat het nergens oncomfortabel wordt. Sterker nog, de zit achter het stuur van de Zafira bevalt hem beter dan die in de Picasso. De vijfversnellingsbak van de Opel krijgt wel de nodige kritiek. Het ding lijkt een eigen leven te leiden, wat er bij accelereren toe kan leiden dat opeens twee verzetten teruggeschakeld wordt, waardoor je met gillende motor op de snelweg invoegt. Overschakelen op handbediening biedt uitkomst, maar vreemd is het wel. De Opel komt met zijn 1.8 liter en 140 pk prima mee.

Hoewel we met grote en behoorlijk zware auto’s op pad zijn, vallen de gemiddelde verbruikscijfers zeker niet tegen. De Picasso 1.6 HDi is behoorlijk zuinig, 1 op 16 gemiddeld is met een niet te drieste rijstijl makkelijk haalbaar. Dat haalt de benzinemotor van de Opel natuurlijk niet, maar een gemiddelde van 1 op 12 is zonder meer keurig voor een negen jaar oude auto van ruim 1.400 kilo.

De verrassende conclusie
Tsja, en dan terug naar de hamvraag: met welke van de twee gaan we op vakantie? De antwoorden zijn verrassend te noemen. Bij Frank, eigenaar van de test-Zafira, steekt toch nog even een bekend vooroordeel de kop op: “Voor de dagelijkse kilometers wil ik een auto die gewoon doet wat-ie moet doen en kies ik zonder meer de Opel. De Citroën is een wat vrolijkere auto. Hij rijdt prettig en het panoramadak zorgt absoluut voor meer zomer in de auto. Voor de vakantie zou ik kiezen voor de Picasso.” Freek: “Mooi vind ik ze geen van beide; een auto moet een neus hebben. Ik krijg in een MPV altijd het gevoel alsof ik in een vissenkom zit. Alleen voor een eerste serie Espace zou ik een uitzondering maken. Als Citroën-rijder zou ik normaal gesproken de Picasso kiezen. Ik ken de auto beter en het comfort en het interieur spreken me meer aan. De beperktere ruimte en de mindere zit op de achterbank vielen me echter tegen; daar zou ik niet graag zelf zitten. In de Zafira had ik ook op de bestuurdersstoel makkelijker een goede zitpositie gevonden. Als ik nu moest kiezen, dan zou ik toch de Opel nemen.” Lezers van Citroën-Forum.nl hoeven echter niet te wanhopen, want Freek legt zijn vakantiekilometers ook dit jaar per CX af.

Je reactie op deze test kun je hier plaatsen.

tekst en foto’s: Freek Mulder en Frank Thuss

© Citroën-Forum 2003 - 2019 | adverteren
Facebook